normandie-2020-Page11

De volgende dag slaan we bij een bekend adresje onze Normandische favorieten in: Pommeau, Calvados, cider en calvadoslikeur. Dan rijden we broodjenuchter naar Honfleur, de prachtige oude havenstad aan de rand van Normandië waar we, al op weg naar huis, ons verblijf met nog één nacht rekken. We hebben een stadscamping gevonden aan de rand van het oude centrum. Daar eten we op de stoep van een restaurantje in één van de nauwe straatjes een prima maal, geserveerd – neergesmeten is een beter woord – door de meest chagrijnige ober die we ooit hebben meegemaakt. We kunnen de humor er wel van inzien. En wie weet, heeft de man wel huwelijksproblemen of zit hij in de zenuwen over een coronatest.

In de oude stad vergapen we ons aan de stokoude veelkleurige vakwerkhuizen, allemaal anders, het ene nog mooier dan het ander. We zien ook huizen die van trottoir tot nok zijn bekleed met leistenen. Het geeft de havenkade een aanzien dat onvergelijkbaar is met welke Normandische stad dan ook die wij kennen.

Dan vangt, hoe onwillig we ook zijn, de thuisreis aan. Het levenstempo hier is ons goed bevallen en werk is wel het laatste waaraan we aandacht willen schenken. Nog even en we gaan weer boterhammen verdienen, en nog een beetje meer. Al was het alleen maar om een volgende reis te kunnen betalen. Over de machtige Pont de Normandie keren we huiswaarts. Au revoir!

© Karin Swanenberg. augustus 2020